Taal HA

Interactief ZCN

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Thema Oriëntatie op de handel en administratie

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Uitleg Nederlands in HA

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Taak 10

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Print deze opdracht uit.

Een verkoopgesprek voeren

 

Opdracht 1

Luister naar luisterfragment 2

Luister naar het gesprek tussen de verkoper (Verkäufer) en de klant (Kundin). Je kunt het gesprek hieronder meelezen.

 

Verkäufer: Kann ich Ihnen behilflich sein?

Kundin: Ja, im Ladenfenster hängt eine weiße Bluse. Sie gefällt mir sehr gut; kann ich sie bitte sehen?

Verkäufer: Selbstverständlich. Welche Größe haben Sie?

Kundin: Größe 38.

Verkäufer: Hier ist sie. Möchten Sie sie anprobieren?

Kundin: Ja, bitte.

Verkäufer: Passt die Bluse?

Kundin: Ja, aber ich weiß nicht …

Verkäufer: Ja, Sie haben recht, es sieht etwas schlicht aus.

Kundin: Und ich dachte, sie würde mir so gut stehen.

Verkäufer: Vielleicht könnten Sie eine Brosche darauf tragen. Darf ich Ihnen eine zeigen?

Kundin: Ja, bitte machen Sie das.

Verkäufer: So, fertig. Sehen Sie, das sieht viel besser aus.

Kundin: Sie haben recht, es sieht wirklich schön aus. Die Brosche gefä ;llt mir auch.

 

Beantwoord de volgende vragen.

1. Waar heeft de klant de witte blouse gezien?
 

 

2. De klant past de blouse. Wat vindt zij van de blouse?
 

 

3. Wat doet de verkoper vervolgens?
 

 

4. Wat vindt de klant dan van de blouse?
 

 

5. Wat doet de verkoper dus eigenlijk? De verkoper doet aan
 

 

 


 


Opdracht 2

Hieronder zie je een verkoopgesprek. Jij bent de verkoper. Vul de ontbrekende woorden in.

 

Kundin: Guten Tag.

 

Verkäufer: Guten……………………… …….Kann ich Ihnen…………………… ………. ?

 

Kundin: Ich suche eine neue Bluse. Ich brauche sie für meine Geburtstagsfeier.

 

Verkäufer: Ich habe hier einige schöne…………… ………………..

 

Welche…………………………….haben Sie?

 

Kundin: Größe 40.

 

Verkäufer: Welche ……………………… …….mögen Sie?

 

Kundin: Grün!

 

Verkäufer: Hier habe ich eine. Möchten Sie sie ……… …………………….?

 

Kundin: Ja, bitte!

 

Verkäufer: Und, ……………………… …….die Bluse?

 

Kundin: Ja, aber ich mag sie nicht. Sie ist so schlicht.

 

Verkäufer: Tja, vielleicht könnten Sie eine ………… ………………….>> darauf tragen. Darf ich Ihnen

 

eine …………………………….?

 

Kundin: Oh, das sieht viel besser aus. Ich nehme beides!

 

Verkäufer: Ja, Sie haben recht, das sieht…………… ……………….aus.

 

 



Opdracht 3

Luister naar luisterfragment 3

Luister goed naar het gesprek tussen de verkoopster (Verkäuferin) en de klant (Kunde).

 

1. Wat gebeurt er in dit gesprek?
 

 

 

 

2. Wat doet de verkoopster in dit geval verkeerd?
 

 

 

 

3. Wat had zij beter kunnen zeggen? Je mag dit in het Nederlands opschrijven.
 

 

 

 

 


 


Opdracht 4

Luister naar luisterfragment 4

Luister goed naar het gesprek tussen de verkoper (Verkäufer) en de klant (Kundin). Beantwoord de volgende vragen.

 

1. Wat zoekt de klant?
 

 

2. Kan de verkoper de klant daaraan helpen?
 

 

3. Het lijkt allemaal goed te gaan. Toch is de klant niet tevreden. Wat is er mis?
 

 

4. De verkoper probeert de klant te helpen met beslissen. Hij zegt: “Dies ist wirklich allerbeste Qualität.” Dit is een voorbeeld van een v
 

 

5. Hoe loopt dit gesprek af?
 

 

6. Wat vind jij van dit verkoopgesprek? En waarom?
 

 

  

 


Opdracht 5

Luister naar luisterfragment 5

Luister goed naar het gesprek tussen de verkoper (Verkäufer) en de klant (Kundin). Beantwoord de volgende vragen.

 

1. De klant is niet helemaal tevreden over het kledingstuk dat zij aan het passen is. Wat vindt de verkoper ervan?
 

 

2. Hoe lost de verkoper dit ‘probleem’ op?
 

 

3. Wat vindt de klant van de oplossing?
 

 

 
 


Opdracht 6

Jij bent verkoper in een schoenenwinkel. Jij helpt een klant. Vul de ontbrekende zinnen in, in het Duits.

 

Verkäufer: (begroet de klant en vraag of je de klant kan helpen).

 

 

 

Kundin: Ja, ich suche ein Paar Stiefel.

Verkäufer: (vraag naar de maat).

 

 

 

Kundin: Größe 40.

Verkäufer: (laat een paar zien en vraag wat de klant ervan vindt).

 

 

 

Kundin: Sie sind wirklich hübsch. Kann ich sie anprobieren?

Verkäufer: (zeg dat dat kan).

 

 

 

Kundin: Oh, sie passen perfekt!

Verkäufer: (zeg dat ze de klant erg goed staan).

 

 

 

Kundin: Sie haben recht. Ich nehme sie!

 


Opdracht 7

Deze opdracht doe je samen met een klasgenoot. De een is klant. De ander is verkoper.

Je hebt de volgende situaties.

 

Situatie 1:

Een klant is in de winkel en lijkt iets te zoeken. De verkoper gaat de klant helpen. De klant zoekt een nieuwe spijkerbroek (Jeans). De verkoper laat er eentje zien. De klant vindt die mooi. De verkoper vraagt de maat. De klant krijgt de spijkerbroek en gaat deze passen. De spijkerbroek zit goed. Dat vinden de klant en de verkoper allebei. De klant is tevreden en besluit de spijkerbroek te kopen.

Speel de situatie hierboven na. Schrijf jullie gesprek hieronder op.

Nu wisselen jullie van rol en spelen jullie de volgende situatie na.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 


Situatie 2:

De klant is op zoek naar een nieuwe trui (Pullover). De verkoper laat er eentje zien en vraagt naar de maat. De klant zegt welke maat hij zoekt. De verkoper vraagt welke kleur de trui moet hebben. De klant noemt een kleur. De verkoper geeft de klant een trui in de maat en kleur die de klant zoekt. De verkoper vraagt aan de klant of de klant de trui wil passen. De klant past de trui en is tevreden. De verkoper vindt de trui ook erg mooi staan. De klant is tevreden en koopt de trui.

Speel de situatie hierboven na. Schrijf jullie gesprek hieronder op.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Taak 2

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

 

Print deze opdracht uit.


Inkopen, dat doe je zo

 

Opdracht 1

Pak bijlage K er bij.

Je krijgt van je collega het document bijlage K. Zij vraagt jou of jij dit wilt bekijken.

 

Beantwoord de volgende vragen.

1. Voor wie is deze brief bestemd?
 

 

2. Wat wil jouw collega met deze brief?
 

 

3. Wat betekent de zin: ‘Wir freuen uns über Ihre kurzfristige Antwort’.
 

 

 

Opdracht 2

Pak bijlage L er bij.

Een andere collega komt bij je. Hij vraagt jou of jij bij Scholz artikelen wilt bestellen. Op de site van Scholz heeft hij een speciaal bestelformulier gedownload. Je hoeft dit alleen nog maar in te vullen.

 

Je moet het volgende bestellen:

  • 50 stuks Nike short wit L NISH 7 W € 15,00 per stuk
  • 25 stuks Nike sweatshirt oranje M NISW 6 O € 25,00 per stuk
  • 15 stuks Nike T-shirt blauw L NITH 7 B € 20,00 per stuk
  • 10 stuks SWIFT voetbalshirt M SWSO 6 € 22,50 per stuk

Vul met deze gegevens het bestelformulier hieronder in. De adresgegevens van Top Center kun je in je bronnenboek vinden.

Denk eraan dat de l everancier geen Nederlands kent! Nike short wit L schrijf je zo: Nike Shorts weiß L.

Dit formulier noemt Scholz een Bestellformular.

1. Hoe heet dit formulier in het Nederlands?
 

 

 


--------------------------------------------------------------------------------

Opdracht 3

Pak bijlage M er bij.

Enkele dagen later krijg je het volgende formulier bijlage M binnen.

 

1. Wat is dit voor formulier?
 

 

2. Hoeveel gaat deze bestelling je kosten?
 

 

3. Je moet straks € 361,00 aan ‘Mehrwertsteuer’ betalen. Wat is dat? Je kunt eventueel op internet kijken om uit te zoeken wat dat is.
 

 

4. Onderaan dit formulier staan nog enkele zinnen. Wat zijn dit?
 

 

5. Wanneer kan Top Center de goederen verwachten?
 

 

6. Moet Top Center ook vrachtkosten betalen? ja/nee
Wat was er gebeurd als Top Center een bestelling had gedaan? 

-------------------------------------------------------------------------------- 

Opdracht 4

Pak bijlage N er bij.

Van je collega krijg je de volgende brief bijlage N. Hij vraagt of jij deze brief ook nog goed door wilt lezen.

 

Bekijk de brief goed en beantwoord dan de vragen.

1. Wat is dit voor brief?
 

 

2. Voor wie is deze brief bestemd?
 

 

3. Martin Brouwer doet de leverancier in het laatste gedeelte van de brief nog een verzoek. Wat wil hij graag?
 

 

 


--------------------------------------------------------------------------------

Opdracht 5

Pak bijlage O er bij.

Op een dag ontvang je het volgende formulier bijlage O.

 

1. Wat stelt dit formulier voor?
 

 

2. Op welke datum is dit formulier gemaakt?
 

 

3. Wat betekent ‘Rechnung’?
 

 

4. Hoeveel moet Top Center in totaal betalen? €…………… ………………………………… ……..
5. Wat zijn ‘Versandkosten’?
 

 

6. Je ziet hier een rij met de onderdelen van dit formulier in het Nederlands. Zet het nummer van elk onderdeel op de juiste plek in het formulier.

  • aantal
  • uw ordernummer
  • klantnummer
  • totaal aan BTW
  • goederenbedrag
  • artikelnummer
  • ons ordernummer
  • productomschrijving
  • prijs
  • factuurbedrag 

 
--------------------------------------------------------------------------------

Opdracht 6

Pak bijlage P er bij.

Het is 6 oktober 2006. Je krijgt de volgende brief bijlage P.

 

1. Wat is dit voor een brief?
 

 

2. Welk bedrijf heeft deze brief gestuurd?
 

 

3. In de brief staat: ‘… informieren Sie uns bitte so bald wie mö glich.’. Waarom?
 

 

4. Wat kost een poster van Keulen normaal? € ……………………………… ;………………………
5. W at kost een exemplaar van artikelnummer C170 nu? € ………… ;……………………………..

--------------------------------------------------------------------------------

Opdracht 7

Je collega Kim vraagt jou om bij Scholz een aantal artikelen te bestellen.

 

Typ in Word een brief waarin je in het Duits de volgende artikelen bestelt:

  • 40 x rote Windlichter (FH309)
  • 30 x Köln-Poster (IP601)
  • 25 x dunkelblaue Blumenvasen (C170)

Denk hier aan:

  • Bedank in je brief Scholz voor de brief die jij op 5 oktober (zie vorige opdracht) hebt gekregen. Bedank ook voor de aanbieding die Scholz doet.
  • Zet ook de prijzen van de artikelen in je bestelling. Je moet de prijzen gebruiken die Scholz in de vorige opdracht heeft opgegeven.
  • Bereken per artikel het totaalbedrag en zet die totaalbedragen in je brief.
  • Bereken ook het totaalbedrag van je gehele bestelling en zet dat in je brief.

Tip:

  • Gebruik de brief in opdracht 26 als voorbeeld!
  • Vergeet niet je bestelling op te slaan.
     

Taak 2

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Print het Word-document uit.


De afdeling Verkoop aan het werk

 

Opdracht 1

Pak bijlage Q er bij.

Op een dag krijg je het volgende document bijlage Q binnen.

 

1. Walter Töbler wil
 

 

2. Jij stuurt als antwoord op deze vraag een
 

 

3. Je stuurt een reactie terug naar Leitmaier. Vul de volgende brief verder in. Je gaat het volgende invullen:
  • de ontbrekende woorden in de brief
  • de informatie over de artikelen (In de brief staat aangegeven welke informatie je moet opzoeken. Je kunt de informatie daar dan onder schrijven)
  • je naam.


Tip: in je Tendens bronnenboek op bladzijde 350 vind je het artikelbestand van Top Center.

 

 

Opdracht 2

Pak bijlage R er bij.

Maanden later krijg je via de post bijlage R:

 

1. De brief hierboven is een ……………………… ;………………………………… ..……….van Leitmaier.
2. Jij werkt op de afdeling Verkoop. Wat doe je nu eerst met dit formulier?
 

 

Ik maak er een…………………………… ;………van. Dit doe ik door

 

een……………………………… …..nummer op de brief te zetten.

 

3. Voer datgene wat je bij b hebt geantwoord ook uit.
4. De volgende stap is dan dat je een………………… ………………………………… ……………maakt.
5. Bekijk het volgende formulier. Wat is dit voor een formulier?
 

 


--------------------------------------------------------------------------------

6. In het formulier ontbreken enkele gegevens. Vul deze in. Dit zijn:

  • de adresgegevens van de klant
  • het kenmerk van de klant
  • de te leveren artikelen (artikelnummer, omschrijving, aantal, eenheidsprijs en het totaal per artikel)
  • het bedrag dat de klant exclusief BTW moet betalen
  • het bedrag dat de klant aan BTW moet betalen
  • het bedrag dat de klant inclusief BTW moet betalen
  • je naam.
  • de ontbrekende woorden in de tekst.
Denk eraan:
  • Dit formulier is voor een Duitssprekende klant bestemd!
  • Gebruik bij het invullen de gegevens uit het formulier dat je van de klant hebt gekregen en het artikelbestand op bladzijde 000 van je bronnenboek.

7. Vul nu de klantenkaart van Leitmaier in. Denk eraan:

  • Het klantnummer is 9335607.
  • Dit is de eerste klantenkaart van deze klant.
  • De adresgegevens kun je vinden in de formulieren die je eerder van deze klant hebt ontvangen (opdracht 32 en 33).
  • Het bankrekeningnummer is: 9845293158.
  • Het ordernummer heb je zelf eerder in deze opdracht gemaakt.

8. Vul de datum van de order en de orderbevestiging in.
 

Taak 3

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Het telefoonalfabet en de telefoonnotitie

Print deze opdracht uit.
 

Opdracht 1

Luister naar luisterfragment 1

Luister naar het gesprek. Hieronder kun je de tekst meelezen. Vul de ontbrekende woorden in.

 

Ineke: “Goedemorgen, u spreekt met Top Center.”

 

Hans Schreiber: “Guten Morgen, mein Name ist…………… ……………………………von der Firma

 

………………………………… ………

 

Ineke: “Kann ich Ihnen behilflich sein?”

 

Hans Schreiber: “Ja, ich möchte gerne einige Artikel bestellen.”

 

Ineke: “Die Verkaufsabteilung ist heute geschlossen, aber vielleicht kann ich Ihnen weiterhelfen.

 

Welche Artikel möchten Sie denn bestellen?”

 

Hans Schreiber: ”Ich möchte bestellen: zehn ………………………………… ………Staubsauger,

 

zwanzig ……………………………… ;…………Backöfen und

 

vierzig ……………………………… ;…………Kühlschränke.”

 

Ineke: “Und an welche Adresse dürfen wir die Artikel senden?”

 

Hans Schreiber: “Sie können sie senden an:

 

Herrn ……………………………… …………

 

………………………………… ………

 

………………………………… ………

 

Ineke: “Vielen Dank für Ihre Bestellung. Wir werden die Artikel so schnell wie möglich zusenden.”

 

Hans Schreiber: “Vielen Dank und auf Wiederhören.”

 

 

Luisterfragment_1

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Bijlage A

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Handleiding

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mailadres

Let op!

 

Alle opdrachten voor Duits staan in een Word-bestand.

 

Ga altijd eerst op het Word-bestand staan en klik op je rechtermuisknop.

Klik op Doel opslaan als.....

 

Sla vervolgens dat document op in je eigen directory, op school of thuis.

Print het bestand uit of werk de opdrachten uit in Word.
 

<< Start < Vorige 1 2 3 4 5 6 7 Volgende > Einde >>

Pagina 1 van 7